Overdracht van medicatiegegevens bij opname en ontslag verbetert in GGZ-instellingen

De overdracht van medicatiegegevens bij opname en ontslag in GGZ-instellingen verbetert langzaam maar gestaag. Met voorafgaande toestemming van de patiënt aansluiten op een uitwisselingsinfrastructuur, bijvoorbeeld het landelijk schakelpunt, kan dit proces nog vergemakkelijken.
Dat zijn de uitkomsten van een intensief toezichttraject door de IGZ zoals zij dat publiceerde in april 2013. Op basis van de resultaten van de eerste ronde inspectiebezoeken eind 2011 was duidelijk dat er nog het nodige te verbeteren viel op het terrein van de medicatieveiligheid in de klinische GGZ. De tweede helft van 2012 zijn nagenoeg alle instellingen opnieuw bezocht en de inspectie stelde vast dat er grote inspanningen zijn geleverd om tot de gewenste verbetering te komen.

Conclusies en aanbevelingen in het kort
De richtlijn Overdracht van medicatiegegevens in de keten, die in 2008 ook door GGZ Nederland is ondertekend, bleek in de dagelijkse praktijk van de GGZ nog onvoldoende operationeel. De richtlijn stelt dat bij opname, overplaatsing of ontslag binnen 24 uur de actuele medicatiegegevens tussen apotheken en tussen artsen worden uitgewisseld. Bij iets meer dan de helft van de bezochte GGZ-instellingen was dit bij het vervolgbezoek operationeel. Op dit onderdeel is nog meer verbetering
nodig. De uitwisseling van deze medicatiegegevens verliep grotendeels nog telefonisch, per fax en/of via de patiënt.
Het onderzoek vond plaats bij 41 GGZ-instellingen en 33 apotheken.

 Medicatieveiligheid in de klinische GGZ en verslavingszorg